Waar de gele toren uitkijkt over het Wad

ahogeveen • 21 juni 2026

Vanaf de gele toren van Hornhuizen kijk je uit over het Groninger land en de Waddenzee. Hier lijken rust, ruimte en horizon naadloos in elkaar over te gaan.

Bij helder weer reikt de blik vanaf het torentje kilometers ver. Over de akkers, langs de dijken en richting de Waddenzee. En ergens daar, bijna verscholen in het landschap, ligt De Waddenhorn. Het vakantiehuisje vormt een eigentijdse aanvulling op een omgeving die al eeuwenlang wordt gekenmerkt door rust en ruimte.


Vanuit de torenvan het kerkje lijkt de Waddenhorn onderdeel van hetzelfde verhaal. Het verhaal van een landschap waarin de horizon nooit ver weg is en waar de stilte nog hoorbaar is. Gasten die verblijven in het vakantiehuisje ervaren elke dag wat vanaf de toren zichtbaar wordt: de uitgestrektheid van het Groninger land, de nabijheid van de Waddenzee en de schoonheid van de Westpolder.


Juist die verbinding maakt deze plek bijzonder. Het historische kerkje met zijn gele toren kijkt al generaties lang uit over hetzelfde landschap. de Waddenhorn biedt bezoekers vandaag de dag de kans om er middenin te verblijven. Niet als toeschouwer, maar als onderdeel van het landschap zelf. Hier begint de dag met het geluid van vogels, bepaalt de wind het tempo en zorgt de weidsheid voor een gevoel van vrijheid dat steeds zeldzamer wordt.


Wie boven in het torentje staat en in de verte de Waddenhorn ziet liggen, begrijpt direct waarom mensen naar deze plek komen. Voor de rust. Voor de ruimte. En voor het unieke gevoel dat je aan de rand van Nederland soms de hele wereld voor jezelf lijkt te hebben.

door ahogeveen 29 juni 2021
Ik heb het geluk dat ik de afgelopen jaren met regelmaat in en bij de Waddenhorn mag zijn. Elke keer als ik er ben zie je andere dingen. Andere luchten, vogels, groei van gewassen en nog veel meer. Bij ieder bezoek maak ik ook foto's. Omdat de luchten en de omgeving me op een of andere manier inspireren. Luchten die niet zouden misstaan als ze op een schilderdoek waren vereeuwigd door een Hollandse meester in een van de vorige eeuwen. Dat vereeuwigen door een Hollandse meester kan natuurlijk altijd. Schilderes Dieuwer Elema heeft zich al vaker laten inspireren door de omgeving van de Westpolder waar de Waddenhorn staat. In het natuurhuisje zijn dan ook werken van haar te vinden. Werken die passen bij de inrichting van het huis. Ze hangen aan de muren in de kamer en de keuken en geven subtiel aan hoe mooi het er is. Zo mooi dat je binnen geconfronteerd wordt met de schoonheid van buiten. Tenminste, je moet wél naar de schilderijen kijken. En dat is best lastig als je door de ramen zélf de schoonheid buiten kunt zien. Die luchten vereeuwigd door een Hollandse meester in zeg eens de negentiende eeuw. Het had gekund, want de polder ontstond in het derde kwartaal van die negentiende eeuw. Al ging het niet zomaar. Het was mens tegen natuur. En vaak was dat een strijd op leven en dood. Met betrokkenheid van boeren waarvan de namen ook nu nog in de Westpolder vertegenwoordigd zijn, zoals Sijpkens, Louwes, Zijlma en Mansholt. De inpoldering ging niet zomaar. En dat wat je ziet als je nu over de kwelders kijkt is geen vanzelfsprekendheid. Wil je enigszins begrijpen wat er allemaal aan vooraf ging, dan is het boek Schaduwkust van schrijfster Ineke Noordhof een aanrader. In het boek de geschiedenis en ook de tragiek van de omgeving, vanuit de beleving van vier generaties bewoners. Een gebied met een boeiende geschiedenis en een kansrijke toekomst. Een toekomst waarbij toerisme wel eens erg belangrijk kan zijn. Maar dan wel als een soort niche. Want de polder moet de polder blijven en de kwelder de kwelder. Hollandse meesters zijn ook de mensen die ons land beschermen tegen het wassende water. Die ervoor zorgen dat we geen natte voeten krijgen. Daarin spelen de dijken en de kwelders een essentiële rol. Niet voor niets is waterschap Noorderzijlvest actief in het gebied. De komende jaren wordt de dijk versterkt om ook in de toekomst het wassende water tegen te kunnen gaan. Het project van het waterschap heet ' Dijkversterking Lauwersmeerdijk - Vierhuizergat '. En waarom dat Vierhuizergat zo belangrijk is? Dat kun je onder andere lezen in het boek Schaduwkust. Wil je meer weten over het project? Bekijk dan onderstaande video. Als je eens op de dijk in de Westpolder bent, of je banjert over de kwelders, denk dan eens aan die Hollandse meesters en die belangrijke schaduwkust.
door Anthony Hogeveen 22 juni 2021
Het maken van een vuurtje heeft iets magisch. Het sprokkelen van hout, met een lucifer het aansteken van wat oude kranten en dan de hoop dat dit zich vermengt tot een knetterend vuur. Om, als het vuur toch bijna dooft, er snel wat extra kranten bij te doen. Het vuurtje stoken brengt een soort kindgevoel naar boven. Opgave Maar als het flink geregend heeft, het hout nog vochtig is en het aantal kranten niet toereikend, dan wordt het vuurtje stoken een hele opgave. De gele gloed verdwijnt en steeds meer rook dwarrelt omhoog. En natuurlijk zal je net zien dat de wind zo draait dat de rook in je ogen komt. Ze beginnen te prikken en langzaam lijkt het alsof je tranen krijgt. Gekarameliseerd zoetstof De rook verspreidt zich verder, maar gelukkig heeft een klein vlammetje een droog takje omarmd. Ook een ander droog takje ontkomt niet aan de vlammenzee in wording. Langzaamaan ontkomt ook het vochtige houtblok niet aan de gele waas. Het vuur wordt heftiger en de rook verdwijnt. Ik sta voldaan naast de toren met gestapelde en gemetselde stenen. Naast mij een paar kinderen met stokken in de hand. Een zak met witte, zachte snoepspekjes gaat rond. Iedereen mag het witte zoetstof vastprikken. Enkele minuten later hangen de stokken boven het vuur. Goedkeurend bekeken door de ouders. De witte spekjes krijgen een donkerbruin, gekarameliseerd laagje. Voorzichtig van de stokjes in de mond. Marshmallows. Geur Dagen later ruik je de geur van de rook nog in je jas en in je haar. Shampoo doet zijn werk, maar de jas laat je het liefst nog een tijdje ongemoeid. Iedere keer dat je langs de kapstok loopt, snuif je die geur op. En het doet je denken aan dat fijne moment dat je vuurtje stookte. Met het excuus om marshmallows te maken. Maar stiekem om eigenlijk weer het kind in je zelf te vinden. Het kind dat eigenlijk gewoon een vuurtje wilde stoken...